Op de begrafenis zit mijn tante hard te snikken. Voor haar zit een kennis van mijn oma. Mijn oma zit zelf naast hem. Hij draait zich om en geeft een zakdoek aan mijn tante. Mijn oma snapt het allemaal niet zo goed meer, en vraagt zich af wat ze in deze kerk doet. De broer van mijn vader zit klaar achter de cd-speler. Als mijn vader klaar is met praten moet hij een muziekje starten.
Ik zit rechts voorin en kijk om. Ik zie hoe verdrietig iedereen is, en besef dat ik zelf vrij nuchter blijf onder de dood van mijn opa. Terwijl hij mijn allerbeste vriend was.